De Pyreneeënoversteek, Dag 2: De grote conditietest

Ondanks het feit dat er een sneeuwman achter onze tent stond, hebben we het niet koud gehad vannacht. Maar ‘s morgens tijdens het ontbijt vinden we het wel behoorlijk frisjes. Omdat we niet weten wat we van de bevoorradingsmogelijkheden onderweg mogen verwachten, delen we braafjes opnieuw één suikerwafel met elkaar. Het moet ons voldoende energie geven om enkele honderden meters te klimmen, weg uit het vlakke landschap dat tegen de Atlantische Oceaan gekleefd ligt.

We zien een wandelaar passeren. Hij is zich al druk in het zweet aan het werken. Meteen vragen we ons af of ook hij de HRP aan het wandelen is. Stiekem hopen we dat dat niet het geval is. Wim en ik zijn immers het type wandelaar dat graag alleen op weg is. Midden in de natuur willen we liefst het gevoel hebben dat we helemaal alleen op deze wereld zijn.

Met een dik uur voorsprong denken we dat we lang genoeg gewacht hebben om niet in het kielzog van onze voorganger te moeten stappen. We hijsen de rugzakken op onze rug en vertrekken vol goede moed. Hoewel we gisteren onze eerste stappen al gezet hebben, voelt vandaag maar pas als het échte begin. Want vandaag gaan we de bergen in. Vandaag laten we de bewoonde wereld achter ons. Vandaag begint óns avontuur.

De goede moed die we hadden bij het vertrek doet zijn best om al snel in onze schoenen te zinken. Allebei merken we dat onze lichamen nog flink moeten wennen aan het harde werk. Puffend en hijgend geeft het prachtige landschap me gelukkig af en toe het excuus om even uit te kunnen rusten. Het fototoestel gaat zowat elke vijfhonderd meter uit het opberghoesje. Als het hier al zo mooi is, wat gaat dit dan de komende veertig dagen geven…?

Het gekriebel van de vlinders in mijn buik doet me de pijn in mijn kuiten vergeten. Ik krijg tranen in de ogen wanneer ik besef voor welk avontuur we staan. Ik weet dat dit een kans is, die niet zomaar voor elke simpele sterveling weggelegd is. Ik word overrompeld door een gevoel van grote dankbaarheid. Wat voel ik me gelukkig.

We halen onze voorganger in op een heuvelrug. Hij stottert enkele Franse en Spaanse woorden tegen ons, waaruit Wim al snel afleidt dat hij net als wij Nederlands spreekt. We slaan een kort praatje met hem. We komen te weten dat hij een andere route loopt. Gelukkig maar. Diezelfde opluchting lezen we ook in de ogen van de man. Wellicht is ook hij hier op zoek naar het gevoel om helemaal alleen op de wereld te zijn.

We klimmen verder tot La Rhune waar tijdens mijn passage in 2011 de mist elk vergezicht in een witte nevel hulde. Maar vandaag laat het mooie landschap zich wel in al haar glorie zien. Op de top rusten we even uit. Achter ons zien we over de bergflank een treintje omhoog tuffen. De meeste toeristen klimmen hier niet op eigen krachten naar de top. Maar wij wel…! En dat geeft me nu al een gevoel van onoverwinnelijkheid.

De afdaling gaat als vanzelf. Misschien mede door het feit dat we in de topogids gelezen hebben dat er in het kleine dorpje in het dal een bar moet zijn. We lopen er holderdebolder heen. Maar de droom van een fris pintje bier wordt aan diggelen geslagen door een bordje met het woord “fermada” op de deur. We moeten ons daarom tevreden stellen met wat vers water uit een bron. Maar doordat we zoveel dorst hebben, smaakt dat frisse water zelfs bijna beter dan een vers getapte pint.

Enkele meters voorbij het dorp vinden we de perfecte kampeerplaats langs een oude koeienstal. De tent vangt tot laat op de avond lekkere warme zonnestralen op. Terwijl we een prachtig uitzicht hebben op de top van La Rhune, waar we daarstraks nog onze eerste zege vierden, klinken we onze mokken met vers bronwater tegen elkaar. Schol! Op een prachtige huwelijksreis…!

 

 

Leave a Comment

Your email address will not be published.